“Moet jij me eens vertellen, hoe ik aan leukemie kom.”
Met grote ogen kijkt ze mijn man aan, bozig. We zijn bij Nel op bezoek in het Daniël den Hoedziekenhuis. Mijn man is arts maar hij weet het ook niet. Nel is drie dagen geleden opgenomen. Maanden lang een stevige longontsteking die maar niet overging. Leukemie dus.
Het is niet de eerste keer dat Nel in ‘de Daniël’ ligt. Vijf jaar eerder begon het al: een knobbeltje in de borst.
“Stuur me maar naar de Daniël, dan zit ik meteen op de goede plaats als het foute boel is”, had ze tegen de huisarts gezegd. Praktisch als altijd.
En het was foute boel. Borstbesparende operatie of amputatie van de borst? De keuze was voor haar niet moeilijk.
“Ik zei tegen die dokter: ‘Snij de hele handel er maar uit, ben vijfenzestig en de kerels kijken toch niet meer naar mij’. “
We liepen door de gangen van het ziekenhuis op weg naar het balkon waar gerookt mocht worden. Een drainzakje bungelde aan haar arm.
“Hè hè even een saffie.” Ze haalde haar schouders op toen ik vroeg of dat wel verstandig was.
“Ik kan toch niet stoppen en borstkanker heeft niets met roken te maken, toch?”
Hoestend maar genietend blies ze de rook uit. Ze vertelde dat ze het weekend even naar huis was geweest. Even naar de poezen. Mocht van de dokter. Ze had geen koorts, de wond heelde goed. Het vocht was nog niet helemaal weg uit de wond en de drain moest er in blijven. Na het weekend weer terugkomen.
“Wie heeft je dan gehaald en gebracht?” vroeg ik.
Niemand. Ze was op de bus gestapt, naar de metro en met de metro naar huis. Drain in de zak van haar regenjas. En zo ook weer terug.
“Ja, wat moest ik dan? Wachten tot iemand me kwam halen? “
Vragen, daar begon ze niet aan, altijd weer praten, uitleggen. Niet praten maar doen.
Een week later was ze weer thuis. Wilde geen prothese. Alleen maar voor-de-gek-houderij. Maar een speciale bh met opvulling was een oplossing. Nieuw truitje erover en met Jannie naar Frans Bauer in de Ahoy.
“Mij krijgen ze niet klein”.
Maar nu hebben ze haar toch klein gekregen.
“Ik ga niet aan de chemo. Ik heb het aan mijn zus gezien. Maanden ziek en kotsen en uiteindelijk ga je toch de pijp uit. Dan ga ik liever meteen dood.”
En dat doet ze. Twee dagen later.
Geen woorden maar daden.